Voorheen maakte de regio samen met Molise deel uit van de regio Abruzzen en Molise (tot 1963).
In het noorden grenst de regio aan Marche, in het noordwesten en westen aan Lazio, in het zuidoosten aan Molise en in het oosten aan de Adriatische Zee. De hoofdstad van de regio is L'Aquila (of Aquila).
De regio wordt opgedeeld in vier provincies, genoemd naar hun hoofdsteden: L'Aquila, Teramo, Chieti en Pescara Het landschap:
De regio is zeer rijk aan natuurschoon en telt drie grote nationale parken en één regionaal natuurpark: Gran Sasso - Monti della Laga, Maiella, Abruzzo, Lazio e Molise en Velino-Sirente.
Vooral het Abruzzo nationale park staat bekend om de bruine beren die er nog leven.
De twee hoogste toppen van de Apennijnen liggen ook in Abruzzo, het zijn de Corno Grande in de Gran Sasso (2912 meter) en de Monte Amaro in de Majella (2795 meter).
Andere natuurlijke bezienswaardigheden zijn de Calanchi van Atri en het uiterste zuiden van de Abruzzese kust: de Punta Penna en Costa dei trabocchi.
De regio is ook rijk aan meren al dan niet gestuwd zoals het Meer van Barrea, Meer van Campotosto en Meer van Bomba. Bezienswaardigheden:
De meest bezienswaardige steden van de regio zijn L'Aquila, Teramo, Sulmona, Lanciano, Chieti, Vasto en Atri.
De grootste stad van de regio, Pescara is het economische hart van de regio, maar heeft de toerist maar weinig te beiden (op de mooie strandboulevard na). De bergdorpen van Abruzzo zijn in veel gevallen, vooral in de provincie l'Aquila, betoverend mooi en onaangetast door de tijd.
Goede voorbeelden hiervan zijn Pacentro, Civitella del Tronto en Pietracamela. Het toerisme aan de kust is redelijk ontwikkeld.
De belangrijkste plaatsen zijn hier Roseto degli Abruzzi, Pineto, Giulianova en Montesilvano

